Jan Mankes Hij heeft de dieren en de stille dingen Met sterke aandachtigheid tot zich genomen En lichtend zijn zij weer aan ’t licht gekomen,[…]
De held De maan schijnt over levenden en dooden. De overwinnaars plunderen de lijken. De held trapt op de keel van de gewonden. Zijn sterke[…]
Jong-katholieken We houden van barmeid en zeekapitein En van een gulle hartige slok, Een krachtige vloek en losse gein Met een stem als een schorre[…]
Gezonken Men vindt het logboek en men volgt het spoor. Maar waardeloos werd wat is opgeteekend, Want hoe men lengte en breedte overrekent, Het klopt[…]
De ziekenzuster Zij heeft de nachtwaak bij het bed Der vreemdelinge, die gaat sterven. En zij aanvaardt de plicht tot erven Van angst en pijn[…]
Feestdisch De feestdisch is gedekt in ’t lommer. Wanneer het windje even waait, Komen er zonnevlammen gelaaid In het kristal, zooals de kommer Tot vuur[…]
De vreemdeling Een vreemdeling is in ons huis gekomen. Wij hebben onze wanden zóó geschoven, Dat hij een kamer heeft voor slaap en maal. Nieuwsgierig[…]
DE SLANG Ze is opgetogen door de buurt gegaan En heeft het laatst sensatienieuws besproken Met naaisters en die in de winkels staan. Het kwaad[…]
DE MARTELAAR Toen heeft zijn hart, lang door zijn angst belet, Een wraakschreeuw naar den hemel uitgestooten En in Gods ooren donderden de schoten Die[…]
DE ZEEVAARDER ’t Is wreed, dat wij voor hen die achterbleven Als dood zijn, maar soms droomen zij van ons: Zoo licht als zaadpluis tot[…]