
Tsjaikofski’s symphonic pathetique en Van der Weyden’s Philippe de Croy Ter herinnering aanMaandagavond 4 Oct.1926 De zaal lag schemerig en heet En het publiek hijgde[…]

Pharao Volkeren hebben zich ontzet gebogen.Ik nam hun vleesch en bloed, hun moeilijk weenen,Om aan mijn naam den donkren glans te leenenDie sloeg uit hun[…]

Familiedag Van heinde en verre komt de sippe saâm,Een dag per jaar, om met elkander te eten,En op te rakelen wat moet vergetenDer vaadren veeten[…]

De Mérode droeg het gedicht ‘De brief van den doode’ op aan de overleden J.K. van Eerbeek. De Mérode kreeg daadwerkelijk een brief van Van[…]

De eerste jacht De blanke buks beeft in zijn handen.Zijn vingers trillen aan den haan.Honderd maal loert hij in de laan,Zoo hunkert hij om los[…]

Een criticus Hij is de beste van de epigonen.Zijn verzen zijn, helaas, wel niet veel zaaks,Maar hij weet uiterst scherp al het mismaaktsIn ’t broddelwerk[…]

De valsche getuige Zijn woord getuigt van anderer bekeering. Hij rookt geen sigaret, maar drinkt wel wijn. Zijn onsoliede ziel is een legeering Van waarheid,[…]

San Marco Als uw bloode driestheid durfde erkennen, Dat wij samen in den hemel waren, Zou ik dan ’t gemeen geluk niet loven Van dit[…]

Een mooi sonnet over hoe een beetje aandacht voor je naaste tot iets moois kan leiden. De doove vrouw Zij zat te sluimren in het[…]

Het gedicht ‘De boerenjongen’ verscheen in het tijdschrift ‘Stemmen des tijds’ in 1920. Het werd gebundeld in ‘Het heilig licht’. De boerenjongen Hoe zou zijn[…]