Vergeten kaars Ik licht en kwijn, en duister Wordt mijn geduldig hart. Om u is alles luister, Om mij is alles zwart. Uw daden en[…]
De jongen te paard Hij laat den wind maar waaien door zijn haren. Blootshoofds zit hij op ’t steigerende paard. Hij lacht gelukkig; zijn onrustige[…]
Voorjaarsverwachting Wat zijn ze schoon, de schemerige dagen Die niet meer grijs en nog niet paarlemoer Zijn durven, alsof er een lichtschijn voer Door een[…]
In den Tuin Geldersche rozen met hun koele Ballen lichten den hemel toe. Seringen waaien paarse zoele Geurige schaduwen, gril en moe. Aan tengre boompjes,[…]
Gloria Nu is de lucht zoo teeder en groen Als ’t ritselen der vroege lente. Knapen plantten hun blanke tenten In schaduw van het forsch[…]
In school Rustig zit de heele klas te schrijven. Jongens buigen over ’t blanke schrift. IJverig hun lenig-jonge lijven; Bij de meisjes krast de harde[…]
WOORDEN Men weet niet hoe dit is, dat woorden Toekomen en zij zijn bereid Om de geruchten die zij hoorden Daad te doen zijn en[…]
Het gedicht Wandeling is opgedragen aan Reind Kuitert. Willem ontmoette Reind via zijn broer Carel en raakte met hem bevriend. Door Reind werd Willem gestimuleerd[…]
Het gedicht Avond-school roept beelden op van jongens op klompen in de ouderwetse schoolbanken. Het gedicht is geschreven op 16 november 1911. AVOND-SCHOOL Een enkle[…]
II De Gedroomde Zoon – 1928 (7/7) De wereld en de tijd zijn moede als wij, Seizoenen schuiven door elkaar en tanen, En ons schoon[…]