Category Archives: maandgedicht

Wachtende – maandgedicht april 2017

Hopend op meer. Wachtende Nog dezen avond zult gij tot mij komen. Tusschen ons beiden is een ijle sfeer Van liefde, vreezen, en vertwijfelingen, En het zal zijn als immer, en niets meer. Ik mag uw handen nemen, en mijn oogen Zullen verwaasd en brandend naar u zien. En als ik van uw frisschen jongen… Read More »

Brieven – maandgedicht januari 2017 (briefwisseling De Mérode/Rispens)

Met een knipoogje naar de 6 brieven geschonken door Hans Werkman aan archief Deventer, een briefwisseling tussen De Mérode en Rispens. Brieven Stamelwoorden van verrukking, Die geen zin en geen verband meer kennen; Flarden van gedachten, afgebroken Als een nieuwer zoeter visioen zijn toover Langs uw droomend aangezicht liet gaan. Deze onnoozle kinderlijke woorden, Heilig… Read More »

Waanzin – maandgedicht december 2016

De betekenis van dit gedicht kun je zoeken in de liefde, in het niet buiten een bepaalde geliefde kunnen. Dat kan over een mens gaan, over het geloof of misschien over God zelf. In mijn interpretatie bedoelt De Mérode met de laatste versregel dat je je kunt bezeren aan (de waanzin van) beminnen. Ik denk… Read More »

Zomers einde – maandgedicht oktober 2016

De gulle zomer eindigt in een zware bui. Met ’t ooft in dit gedicht worden appels en peren bedoeld, boomvruchten. Zomers einde Er is een groote regen losgekomen, Zooals soms in ontruste nacht de droomen Van een heel leven, saâmgedrongen Tot één droom, door ons slapen zongen, Zoo is de zomer in dit zware ruischen Geperst, en… Read More »

De gravin – maandgedicht september 2016

De gravin Zij zat voor ’t hooge venster naast haar gade. Hun pages speelden op ’t beschaduwd plein En schoten door de stralen der fontein En in de boomen rond de esplanade. Eén hief lachend ’t gelaat ter kemenade En bloosde, toen hij zag, hoe zij den wijn Nam, de oogen vol van donkergouden schijn,… Read More »

Shakespeare – maandgedicht augustus 2016

Shakespeare Hij kende ’t schoon beweeg van edelvrouwen, Van koningen en dartel ambachtsvolk; Van minnenden en sluipers met de dolk In drukke stad en vredige landouwen. Bij glans van maan en flakkrende flambouwen, Onder den schijn van zon, in regenwolk, Bij feest, op kerkhof, bij den heksenkolk, Durfde hij levens wrevel aan te schouwen. Hij… Read More »