Tag Archives: natuur

Waanzin – maandgedicht december 2016

De betekenis van dit gedicht kun je zoeken in de liefde, in het niet buiten een bepaalde geliefde kunnen. Dat kan over een mens gaan, over het geloof of misschien over God zelf. In mijn interpretatie bedoelt De Mérode met de laatste versregel dat je je kunt bezeren aan (de waanzin van) beminnen. Ik denk… Read More »

Zomers einde – maandgedicht oktober 2016

De gulle zomer eindigt in een zware bui. Met ’t ooft in dit gedicht worden appels en peren bedoeld, boomvruchten. Zomers einde Er is een groote regen losgekomen, Zooals soms in ontruste nacht de droomen Van een heel leven, saâmgedrongen Tot één droom, door ons slapen zongen, Zoo is de zomer in dit zware ruischen Geperst, en… Read More »

De auto-rit – maandgedicht juli 2015

Een gedicht dat vast voor verschillende mensen in Gelderland herkenbaar is vanwege de weerssituatie gisteravond. Een zeer warme dag, een autorit, onweer … De auto-rit Wij hadden door de bosschen rondgereden, Beschut voor ’t valsche schitteren der zon. De motor gromde als hij een hoogte won, En joeg dan lichter tuffend naar beneden. Wij suisden… Read More »

Stil zijn – maandgedicht juli 2014

Dat kon natuurlijk niet missen: een maandgedicht uit de recent gepubliceerde bundel ‘Dorp bij Zomeravond’, een van de tien vroegste gedichten van Willem de Mérode (beginnerspoëzie). Ik kies voor een gedicht dat Willem de Mérode schreef op 20 juli 1907, genaamd ‘stil zijn’. Het is alsof hij wist dat hij zijn tijd geduldig moest afwachten,… Read More »

Voorjaar – maandgedicht mei 2013

Voorjaar In wildernissen en plantsoenen Begint het lentelijk geluid Van nestelen, en de blazoenen Van alle bomen hangen uit. ’t Is groen met geluwe schakering In kruinen en vlak langs de grond. En in de tuin en langs de wering Pronkt perk en gras met bloemen bont. De mensen zijn weer jong geworden. Hun stap,… Read More »

De narcis – maandgedicht maart 2012

De narcis De wereld werd zeer zuiver en zeer groot, Toen schemering de bleeke lucht vervulde. En liefelijker vlamde de vergulde Bloem in het donker hoekje bij de sloot. Er zijn maar enkelen die haar genaken, Zij lokt niet en zij weert niet, maar wie kwam, Wordt priester van haar stille gouden vlam, En blijft… Read More »