Tag Archives: landschap

De auto-rit – maandgedicht juli 2015

Een gedicht dat vast voor verschillende mensen in Gelderland herkenbaar is vanwege de weerssituatie gisteravond. Een zeer warme dag, een autorit, onweer … De auto-rit Wij hadden door de bosschen rondgereden, Beschut voor ’t valsche schitteren der zon. De motor gromde als hij een hoogte won, En joeg dan lichter tuffend naar beneden. Wij suisden… Read More »

Op den toren – maandgedicht januari 2012

Op den toren Ik sta gebogen over ‘t ijzren hek, Dat slank en koel zich om den top-trans windt En door gesloten-openheid de wind Laat waaien tot in ‘t duister luid vertrek. En nu de klaren koopren klepel klept, Roept wind, als immer reede rijksheraut, De uren over ‘t land, tot, waar vergrauwd Aan zee-omruischte… Read More »

Stil Dorp – maandgedicht december 2009

STIL DORP De molen heft zijn armen stil In de blauwe zonnige najaarslucht En laat ze vallen met een zucht, Als een moe man, tegen zijn wil. De huizen slapen, het gordijn Is neergelaten voor elk raam Alleen met den blinkenden koopren naam Speelt op de deuren de zonneschijn. Het dorp is nooi zóó stil… Read More »

Venezia – maandgedicht augustus 2009

Venezia Hier heeft het leven nog den zachten glans Van nutteloos in schoonheid te verstralen. Wat laat de lucht hier zuiver ademhalen! Op nieuw geluk geeft iedre dag een kans. En zaalger is de nacht hier dan een mans Gelaat, die van beminnen is doorvloten. Siddrende bloem, fel uit het bloed ontschoten, Trilt hoog des… Read More »

Wandeling – maandgedicht september 2008

Het gedicht Wandeling is opgedragen aan Reind Kuitert. Willem ontmoette Reind via zijn broer Carel en raakte met hem bevriend. Door Reind werd Willem gestimuleerd tot het schrijven van gedichten. Het gedicht is geschreven op 16 november 1911. Wandeling Voor Reind Weet je nog dien winderigen morgen? We gingen over den groenenden dijk. De wind… Read More »

Brussel II – maandgedicht november 2007

BRUSSEL – II Het Museum Ik ging de blijde beelden langs, de ranke Marmeren knapen glanzende van leven Met stil lachtende lippen, leenge flanken, Die ’t driftig sidderen in trager beven Verrillen lieten, tippend op de teenen, Heupwiegend op een hooggewreefde voet, Op ronden knie gebogen, met een gloed Van liefde en licht om hun… Read More »