Informatiecentrum

Wat bracht Willem Keuning ertoe gedichten te schrijven?

Willem de Mérode (1887-1939) was de dichtersnaam van Willem Eduard Keuning, naar de balletdanseres [ Cléo de Mérode ].

anaf 1902 woonde Willem in de stad Groningen. De openbare leeszaal genoot zijn belangstelling en toen hij daar in een boekbespreking een sonnet las (van Kloos), was hij hier lyrisch over. Willem schreef in mei 1933 aan (Willem) Kloos:

"Op mijn 15e jaar las ik voor 't eerst een sonnet van U aangehaald in De Groene Amsterdammer, "Ik ween om bloemen", en dat gaf mij den stoot om later zelf gedichten te schrijven. Ik vergeet het nooit meer. Toen begon ik uit te knippen en af te schrijven van wat ik van u zag."

Het gedicht van Kloos

door: Willem Kloos (1859 - 1938)

Ik ween om bloemen in de knop gebroken
En vóór den uchtend van haar bloei vergaan,
Ik ween om liefde die niet is ontloken,
En om mijn harte dat niet werd verstaan.

Gij kwaamt, en 'k wist -- gij zijt weer heengegaan...
Ik heb het nauw gezien, geen woord gesproken:
Ik zat weer roerloos nà die korten waan
In de eeuwge schaduw van mijn smart gedoken:

Zo als een vogel in den stillen nacht
Op éés ontwaakt, omdat de hemel gloeit,
En denkt, 't is dag, en heft het kopje en fluit,

Maar eer 't zijn vaakrige oogjes gans ontsluit,
Is het weer donker, en slechts droevig vloeit
Door 't sluimerend geblaarte een zwakke klacht