Levensloop

Willem de Mérode door Starke

Levensloop

Willem Eduard Keuning, de meest bekende en meest omstreden zoon van vader en moeder Keuning, werd op 2 september 1887 geboren in Spijk op het Grunninger Hoogeland. Zijn moeder was Elisabeth Wormser en zijn vader was Jan Keuning. De naam Willem Eduard is afgeleid van de namen van de twee broers van zijn moeder (Willem Wormser en Eduard Wormser).

Jan Keuning behoorde tot de middenstand en was hoofd van de gereformeerde lagere school in Spijk. Jan Keuning schreef vele historische romans, zoals ‘De paardekoper van Helpman’ (1894), en ‘Frans Schreur van Loppersum’ (1895). Hij richtte het blad ‘De keuvelaar’ (1893-1924) op, waarin hij streed voor de sociale positie van de boerenarbeider en waarin hij de gewone man iets leerde over de landspolitiek.

jonge

De familie Keuning

Voordat Willem werd geboren waren achtereenvolgens Hendrik, Jan, Johannes, Pieter en Liesje geboren. Later kwam ook Carel ter wereld. Hendrik (als theologisch student) en Jan (onderwijzer) overleden aan tuberculose in 1897. Behalve Willem zaten ook de broers van Willem de Mérode in de letteren.

Pieter Keuning schreef een aantal romans en verhalenbundels. Zijn boek ‘Kinderen in verstand en boosheid’ (1918) veroorzaakte in Spijk veel opschudding omdat inwoners zich in de verhalen herkenden. Pieter Keuning was mede-directeur van de uitgeverij Bosch & Keuning te Baarn.

Johannes werd boekdrukker in Bergum. Een andere broer, Carel Keuning, was mede-directeur van de uitgeverij Zomer & Keuning te Wageningen. Lies, hun enige zuster, werkte anoniem mee aan De Keuvelaar – het genoemde christelijk-sociale arbeidersblad – en schreef zelf een roman. 1924 werd een bitter jaar voor Willem Keuning, een jaar dat invloedrijk geweest is op zijn verdere leven.

Wie was Willem

Willem is vanaf zijn jeugd een zorgenkindje geweest. Zijn leven lang tobde hij met zijn gezondheid. Zijn grootste liefhebberij was verzamelen. Willem Keuning verzamelde van alles. Het liefst verzamelde hij mooie boeken; hij was er bovendien erg zuinig op. Daarnaast hield hij van het verzamelen van munten en penningen. Tevens had hij een postzegelverzameling, een stenenverzameling, een ansichtkaartenverzameling, gespaard vanaf zijn jeugd.

Dat hij graag boeken verzamelde blijkt bij zijn overlijden: hij heeft er meer dan 3.000, opgeslagen langs ieder stukje wand dat maar beschikbaar was in zijn woon- en slaapkamer. Samen ongeveer 100 meter boekenplank! Hieronder bevond zich vrijwel de hele Nederlandse poëzie uit die tijd. De collectie is na zijn dood naar de Vrije Universiteit in Amsterdam gegaan.

Uithuizermeeden, een bepalende periode in het leven van Willem

Van 1907 tot 1924 was Willem Keuning onderwijzer aan de gereformeerde lagere school in Uithuizermeeden (nu: meubelfabriek Ami, Hoofdstraat 224). Zijn oud-leerlingen herinneren zich hem als “Meester Keuning, die zo mooi vertellen kon”. Dat hij ook dichter was, wist bijna niemand. Hij bewoonde een kamer aan de Provinciale Weg (nu: Hoofdstraat 190).

Belangrijke bundels die hij in Uithuizermeeden schreef, waren ‘De overgave’ (1919) en ‘Het kostbaar bloed’ (1922). Een van zijn oud-leerlingen, Ekko Ubbens (1906-1991), was een belangrijke inspiratiebron voor zijn gedichten. Hij noemde hem Okke.

Na een jarenlang onderwijzerschap in Uithuizermeeden bracht een kortstondige seksuele relatie met een oud-leerling hem in 1924 acht maanden in de gevangenis. Zijn advocaat was  mr. Tjitte de Jong (1889-1972). Op 27 maart 1924 werd Willem de Mérode veroordeeld tot 8 maanden gevangenisstraf. Bovendien werd hem voor drie jaar het recht ontzegd het ambt van onderwijzer uit te oefenen. Okke heeft hem daarna nooit meer willen ontmoeten. Pas lang na De Mérodes dood heeft hij zich, over het graf heen, met hem verzoend.

Op 2 september 1987 heeft Ekko Ubbens, 81 jaar oud, in Uithuizermeeden in een parkje aan de Lijnbaan een gedenkteken ter herinnering aan De Mérode onthuld. Dit was precies de datum 100 jaar na de geboorte van De Mérode. Ekko Ubbens zelf overleed op 9 augustus 1991, 85 jaar oud. Het parkje waarin dit monument staat, ligt tegenover de locatie van de inmiddels (circa 2010) afgebroken gereformeerde lagere school in Uithuizermeeden.

Ekko Ubbens

Ekko Ubbens

Jaap Woltjer

Jaap Woltjer

De Mérode, gebroken man, wist zich door de eenzaamheid in de gevangenis heen te bijten; hij schreef een prachtige bundel ‘De rozenhof’.

De ervaringen van het jaar 1924 werden in de jaren daarna door hem omgezet in een omvangrijk oeuvre dat gerekend wordt tot het sterkste dat de protestantse literatuur voor de Tweede Wereldoorlog heeft voortgebracht.

Aan de eis om in de kerk openlijk schuld te belijden, heeft De Mérode nooit toegegeven. De Mérode trok zich terug uit de kerk zonder het christelijk geloof te verloochenen en verkoos verder het alleen-zijn.

Eerbeek

Na 1924, het jaar waarin hij in het Huis van Bewaring in Groningen zat, is Willem de Mérode in een boerderij aan de Ringlaan buiten het Gelderse dorp Eerbeek gaan wonen. Hier leeft hij teruggetrokken, vol aandacht voor zijn poezie, praktisch geisoleerd. Hij schrijft hier zijn prachtige dialectverhalen. Af en toe maakte hij een buitenlandse kunstreis. De schrijfster Wilma Vermaat uit Beekbergen kwam hem regelmatig opzoeken. Zij is voor hem van groot pastoraal belang geweest. Andere vrienden waren Bram Corbijn van Willenswaard, de jonge dichters Bert Bakker, Barend de Goede en Jaap Romijn. Willem de Mérode is in Eerbeek overleden en begraven.

Na zijn dood

Na de Tweede Wereldoorlog raakte zijn werk een tijdlang op de achtergrond. Sinds 1970 is er een duidelijk herwaardering merkbaar. Op 2 september 1997, 100 jaar na zijn geboorte, verschenen de Verzamelde Gedichten in twee delen. En behalve het gedenkteken in Uithuizermeeden werd op die dag in Spijk een gedenkplaat onthuld in de gevel van de woning waar hij is geboren.

Samengevat

  • Willem de Mérode werd geboren in het hoofdonderwijzershuis van de gereformeerde school in Spijk.
  • Het gezin Keuning telde vier zonen. Ook P. Keuning (1882-1962), broer dus van Willem de Mérode, heeft boeken geschreven.
  • Willem de Mérode woonde van 1902 tot 1906 in Groningen (Noorderbuitensingel 29a). Hij volgde in Groningen de Kweekschool met de Bijbel aan de H.W. Mesdagstraat en werd onderwijzer. Eerst kort in Oude Pekela en daarna in Uithuizermeeden Hoofdstraat 224, nu een meubelfabriek).
  • Op die gereformeerde school in Uithuizermeeden was Willem de Mérode onderwijzer van 1907 tot 1924. Hij was in de kost op het adres Hoofdstraat 190. In de jaren dat hij in Uithuizermeeden woonde, werd hij een bekend dichter. Hier schreef hij vijf dichtbundels.
  • Op de school in Uithuizermeeden ontstond een rel. Netjes
    heet het dat hij een fatale affectie opvatte. Het betrof een beschuldiging van homoseksueel contact met een jongen van 16 jaar. Hij werd ontslagen en moest (in 1924) een gevangenisstraf van acht maanden uitzitten in Groningen. Ook werd hij voor 3 jaar uit het ambt van onderwijzer gezet. Hij zou nooit meer voor de klas komen te staan.
  • In 1924 en 1925 woonde De Mérode bij zijn broer in Leens en verhuisde daarna met zijn broer naar Bergum. Deze broer had hier een drukkerij/boekhandel, waarin De Mérode in 1925 hand- en spandiensten verrichtte.
  • Op 16 november 1925 verhuisde Willem de Mérode naar Eerbeek. Op de boerderij op Ringlaan 50 huurde hij een kamer. Tot zijn dood bleef hij hier – als ambteloos burger – wonen. Het kostte hem moeite om weer werk gepubliceerd te krijgen.
  • Hij verliet de gereformeerde kerk, maar bleef wel gelovig.
  • Met zijn poëzie was Willem de Mérode in de jaren twintig en dertig een voorbeeld voor veel protestanten.
  • Uit zijn vroegste gedichten blijkt de invloed van J.C. Bloem en G. Gossaert. In zijn later werk komt zijn hang naar mystiek naar voren. Centrale thema’s zijn verder de botsing tussen geloof en maatschappij en de homoseksualiteit.
  • Willem de Mérode had aan het eind van zijn leven last van ademnood en angina pectoris.
  • Willem de Mérode werd op 25-05-1939 begraven op het oude gedeelte van de Eerbeekse begraafplaats aan de Coldenhovenseweg (2e afdeling, nr. 13).
  • Willem de Mérode was een hartstochtelijk boekenverzamelaar. Na zijn overlijden bleken er zo’n 3000 in zijn woning aanwezig. Na zijn overlijden gingen de meeste boeken naar de Vrije Universiteit in Amsterdam.
  • Jo Kalmijn-Spierenburg, Maurits Mok en Barend de Goede schreven in memoriam-gedichten na het overlijden van Willem de Mérode.
  • In Uithuizermeedum staat aan de Lijnbaan een klein monument ter nagedachtenis aan Wilem de Mérode. Het is onthuld door Ekko Ubbens, een oud-leerling van De Mérode en destijds een inspiratiebron van De Mérode (hij noemt hem in zijn werk ‘Okke’).
  • Aan zijn geboortehuis in Spijk is in 1987 (t.g.v. zijn 100e geboortedag) een gedenksteen aangebracht.

©2005 Mats Beek

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *